| 1. Visie
hebben |
 |
|
Een
organisatie behoort te weten:
- waar
zij mee bezig is en
- wat
zij uiteindelijk wil bereiken
En
het kan maar beter direct in het begin worden vastgesteld: een organisatie
waarvan de directie geen leiderschap toont, door
bijvoorbeeld:
- het
geven van richting
- het
creëren van een lerende organisatie en
-
continu verbeteren,
is
een minder lang leven beschoren.
|
| 2. Doelstellingen
bepalen |
 |
|
Vervolgens
kan de organisatie bepalen op welke wijze zij invulling gaat geven
aan de visie: wat zijn de bedrijfsdoelstellingen en -strategie.
Om deze te kunnen bepalen dient de organisatie na te gaan:
- waarin
is zij goed?
- waarin
is zij slecht?
- waar
liggen de kansen?
- wat
zijn de bedreigingen?
|
| 3. Processen
inzichtelijk maken |
 |
|
Nadat
de organisatie heeft bepaald wat de doelstellingen zijn, kunnen de
relevante bedrijfsprocessen in kaart gebracht worden: |
| |
|
Bedrijfsprocessen
bestaan uit deelprocessen
bijvoorbeeld: inkoop - produktie - levering |
| |
 |
Elk
deelproces is onder te verdelen in een aantal activiteiten
bijvoorbeeld: inkoop = offertes aanvragen, leverancier selecteren,
bestellen |
| |
|
Naast de primaire bedrijfsprocessen (de "geldverdienprocessen")
zijn er uiteraard:
- managementprocessen
voorbeelden van deelprocessen hierin zjin: budgetteren,
proces bewaken, aansturen
- ondersteunende processen
voorbeelden van deelprocessen hierin zjin: personeelszaken,
financiële administratie, automatisering
|
| 4. Mensen,
Middelen en Methodes |
 |
|
Nu
de bedrijfsprocessen in activiteiten zijn onderverdeeld, dient van
elke activiteit te worden bepaald:
- wie
voert deze uit?
- waarmee
doet hij/zij dat?
bijvoorbeeld: met machine of computerprogramma
- hoe
moet dit worden gedaan?
bijvoorbeeld: recept, werkinstructie
Met
andere woorden: Mensen, Middelen en Methodes (de 3 M's).
|
| 5. Klantgericht
zijn |
 |
 |
De
organisatie zal bij het realiseren van haar produkten en/of diensten
moeten kijken naar: |
| |
 |
eisen van de klant en |
| |
 |
tevredenheid
van de klant |
| |
 |
en
zal hierbij moeten streven naar continue verbetering door onder
andere te meten en te analyseren.
(hierbij zijn de metingen zowel momentopnames, als het verloop van
meerdere momentopnames).
|
| 6. Balans
houden |
 |
|
De
organisatie dient een goede balans te houden tussen:
| interne
gerichtheid bedrijfsprocessen
medewerkers |
en |
klantgerichtheid klanten
leveranciers
samenleving
milieu |
|
| 7. Afspraken
borgen |
 |
 |
Het
goed uitvoeren van de activiteiten van de organisatie vereist:
- het
concreet maken van een voornemen (PLAN)
- het
uitvoeren van dit voornemen (DO)
- controleren
of de uitvoering correct verloopt en het onderzoeken van oorzaken
als dat niet zo is (CHECK)
- handelen
aan de hand van deze bevindingen (ACT)
|
| |
 |
Door
bovenstaande activiteiten telkens te herhalen, zullen er verbeteringen
in de kwaliteit van de organisatie én van het produkt en/of
de dienst worden behaald (de bal rolt een stukje omhoog) |
| |
 |
De
behaalde verbeteringen dienen te worden vastgehouden (ervoor zorgen
dat de bal niet terug rolt): de kwaliteit dient te worden geborgd
(een wig plaatsen)
Vormen van borging zijn bijvoorbeeld: mondelinge instructies, werkoverleg,
werkwijze op papier vastleggen of inrichting van de werkplek. |
| 8. Steeds
hoger doel bereiken |
 |
|
De
doelstellingen die de organisatie voor ogen had zijn bereikt. Maar de organisatie mag niet stil blijven staan,
er is immers continu sprake van:
- ontwikkelingen
in de markt
- ontwikkelingen
binnen de organisatie zelf
- maatschappelijke
ontwikkelingen.
De
organisatie zal dus continu moeten verbeteren om minimaal net zo
goed te blijven: er zullen dus nieuwe doelstellingen
moeten worden bepaald. Daarmee is de cirkel rond.
De organisatie zal zich echter ook af en toe moeten afvragen of
haar doel nog wel goed is, en dus moeten terugkeren naar de kern.
|
| 9.
Adburdias |
 |
Brug
tussen theorie en praktijk. Wij helpen organisaties effectiever (de goede
dingen) en efficiënter (goed doen) te worden:
- Effectief
= het werkt!
- Efficiënt
= zonder verspilling
Adburdias
is een adviesbureau:
- klein,
- flexibel,
- pragmatisch,
- met
ervaring in zowel het midden- als het kleinbedrijf
(zowel dienstverlening als produktie),
- redelijke
tarieven door lage overhead.
|